• Home »
  • Buiten »
  • Scandinavië-special – Deel 2: Noorwegen, wereld van de reuzen

Scandinavië-special – Deel 2: Noorwegen, wereld van de reuzen

Luister naar de wind die langs de bomen giert. Het knetterende ijs. Piepende meeuwen. Aanschouw de zwarte hemel die is ingekleurd met paarse stroken. Mensen in kleurrijke kledij. We zijn in Scandinavië: in het tweede deel van deze special laat ik je kennismaken met de natuur van Midden-Noorwegen.

Van zandstrand naar fjord
In het eerste deel van deze reeks vertrokken we naar Denemarken, het land van brede zandstranden, wandelende duinen en schilderachtige dorpjes. Het is nu tijd voor heel andere koek: ik neem je mee naar Noorwegen, dat gek genoeg meer verschillen dan overeenkomsten telt met Denemarken, ondanks hun Scandinavische broederschap. Geen idee wat die verschillen zouden kunnen zijn? Ik zal het makkelijk voor je maken. Noorwegen:

-is negen keer groter dan Denemarken, maar…
-telt een miljoen minder inwoners (5 miljoen);
-wordt vrijwel helemaal beheerst door het Scandinavische Hoogland;
-kent tientallen gletsjers en héél veel fjorden;
-kleurt in het noorden groen, geel en magenta door het poollicht, en…
-valt onder de overkoepelende classificatie subarctisch klimaat (met andere woorden: het is er erg koud).

Laat je overigens niet afschrikken door het laatstgenoemde punt, want die gletsjers, fjorden en het spectaculaire Noorderlicht doen de kou al snel vergeten. Wanneer je na een klim van een uur op de hoogvlakte staat en je zo ver probeert te kijken als je ogen toelaten, gaat er maar één gedachte door je heen: wat is dit mooi! Als je vervolgens met je handen het kristalheldere water uit het beekje tot je neemt, maakt het al helemaal niet meer uit dat je wangen knalrood zijn en dat zelfs je wimpers dansen door de gierende wind. Het bergachtige landschap van Midden-Noorwegen is namelijk zo imposant, dat je je even in een andere wereld lijkt te wanen; een wereld waar de Eurocrisis, de verkiezingen en langstudeerboete niet lijken te bestaan. Natuurlijk zijn er per regio verschillen in weer, natuur en cultuur, maar desondanks is Noorwegen een plek waar je als toerist zijnde het gehaaste leven van thuis even kan vergeten en even lekker kunt uitwaaien.

Op pad met Norge Reiser
Bij een tocht naar Noorwegen is stap één dus om in de zomermaanden altijd goed voorbereid te zijn op een bui, en in de winter je stevig in te pakken – denk aan thermokleding, wollen sokken en oorwarmers. Nu je koffer vol zit met kersttruien en een waterdichte The North Face-jas, is het tijd voor stap twee: het voltanken van de auto. Ondanks het gestroomlijnde openbaar vervoer is het grootste deel van Midden-Noorwegen onbereikbaar en daarom perfect voor een roadtrip. Huur dus een auto of rijd naar Kiel in Denemarken voor de nachtboot naar Oslo. Het kost misschien een paar vermoeide benen en een hoop plaspauzes, maar eenmaal aangekomen in de Noorse hoofdstad is er tijd genoeg om te genieten van bijvoorbeeld het groene museumeiland Bygdøy, het Slottet (koninklijk paleis) en het fort Akershus.

Maar we waren hier toch voor de fjorden en bergen? hoor ik je denken. Inderdaad, en daarom zijn we nu aangekomen bij stap drie, de daadwerkelijke reis naar Midden-Noorwegen, waar hoge bergen en blauwe wateren elkaar omarmen. Bij deze stap schakel ik de hulp in van reisorganisatie Norge Reiser. Dit bedrijf bemiddelt reizigers al jaren bij de  organisatie van accommodatie en vervoer in en naar Noorwegen. Verwacht geen tot in de puntjes georganiseerde, ‘gezellige’ groepsreis: nee, Norge Reiser heeft voor iedere reiziger op maat gemaakte hotel-, bungalow- en kampeerrondreizen in de aanbieding. Van Oslo naar het meest noordelijke puntje van het land? Dat kan. In veertien dagen langs verscheidene ‘Nasjonalparker’ in het oosten? Kan ook. Net als ik van fjord naar berg en van hoogvlakte naar zee in Centraal-Noorwegen? Norge Reiser regelt per gewenste plek een prima accommodatie voor je en vertelt je precies hoe je daar moet komen. Hoef jij je alleen nog maar bezig te houden met genieten.

De wereld van de reuzen
En genieten, dat deed ik honderd procent. Soms was dat in de vorm van een wandeling naar een meer dat de duizenden omringende bomen weerspiegelde; soms in de vorm van het fotograferen van de mosachtige oevers van de fjorden in de provincie Ryfylke. Ik genoot ervan een zelf gevangen krab op te peuzelen en met kippenvel een duik in een ijskoud meer te wagen. Omdat Noorwegen zo dunbevolkt is, konden vriendin Anne en ik schaamteloos over de vlaktes van het Noorse hooggebergte Jotunheimen (‘de wereld van de reuzen’) rondspringen zonder ook maar iemand te storen. Bij Preikestolen, een gigantisch hoge klif die 605 meter boven de Lysefjord uitsteekt, kwamen we na een lange tocht voor het eerst weer in contact met groepen van meer dan twintig mensen, maar dat mocht de pret niet drukken. Met mijn hoofd hing ik over de rand en voelde ik de adrenaline door mijn lichaam gieren.

Elke avond lag ik tevreden in bed. Tevreden, omdat ik na al die tientallen fjorden, bergtoppen en golvende wegen nog steeds niet genoeg had van het landschap van Midden-Noorwegen. Maar ik was ook in mijn nopjes omdat de bungalows waar Norge Reiser ons naartoe leidde van uitstekende kwaliteit waren. Denk aan: schone houten huizen met saunageur, dekens met rendierpatroontjes en dikke, typisch Scandinavische matrassen. Of ik nou liep of sliep: ik kon de wereld om me heen even vergeten en genieten van het ruwe Noorse landschap. Inclusief roze wangen.

Ook weg met Norge Reiser? Meer informatie vind je op de website.

Beeld: Anne van der Klift (1) & Maaike Goslinga (2 en 3).

Share

Maaike

De Rotterdamse Maaike Goslinga (1990) studeert Euroculture, een tweejarig masterprogramma van de Europese Commissie, in Spanje en Duitsland. Eerder rondde zij haar studie Engelse taal en cultuur in Liverpool af en werkte ze in Nieuw-Zeeland. Omdat ze zich het fijnst voelt op vreemde bodem, ontfermt ze zich als eindredacteur over de sectie 'Buiten' en schrijft ze korte artikelen over wereldwijde trends en andere wetenswaardigheden. Gewapend met pen, notitieboek en rugzak hoopt zij later als onderzoeksjournaliste de wereld over te reizen.