De magie van het Stedelijk

Dit stuk gaat over het Stedelijk Museum. Het is geen tentoonstellingsrecensie, geen kritische beschouwing na de opening, geen museologische overpeinzing en ook geen pleidooi om vaker naar het museum te gaan. Eigenlijk gaat dit over niet naar het museum gaan.

Het plan
Toen ik jaren geleden voor mijn studie naar Amsterdam verhuisde, was het Stedelijk Museum reeds wegens verbouwing gesloten. Gelukkig wist ik toen nog niet hoelang het allemaal zou gaan duren. Tijdens de jaren die volgden heb ik de ontwikkelingen op de voet gevolgd: de plannen, de werkzaamheden, de steeds weer uitgestelde openingen, de nieuwe directeur, de nieuwe aannemer en de nieuwe ontwerper. Noem maar op. Al die verhalen en drama’s – met in de hoofdrol een museum dat ik niet ken, maar wel bij mij om de hoek ligt en ik dus dagelijks zie – hebben iets gedaan met mij. Het museum heeft in mijn hoofd een soort mythische status gekregen, geschreven met alleen maar hoofdletters: ‘HET STEDELIJK’.

Tja, en sinds een paar weken is het dan zover: HET STEDELIJK is weer open voor het publiek. Eindelijk! Mijn museumkaart ligt klaar, alle documentaires zijn gekeken, alle artikelen gelezen. Ik ben er klaar voor. Ik verheug me erop! Zou het wel waar kunnen maken wat ik ervan verwacht?

Museum

De praktijk
Nu begint de praktische kant van de planning. Zal ik mijn zoontje van anderhalf meenemen in de buggy? Er zijn vast wel werken die hem aan zullen spreken: lichtgevende werken, varkens met kinderen erbij, films met vliegende hoeden. Dan kan hij later zeggen: “Mijn liefde voor kunst is al ontstaan in mijn vroegste jeugd, toen mijn moeder mij regelmatig meenam naar het museum.” En ik kan zeggen: “Snap ik niet hoor, van die ouders die hun hele sociale leven opgeven als ze een kindje krijgen. Ik heb die van mij altijd overal mee naar toe genomen, ging prima!”

Maar, misschien vindt hij er ook wel niets aan en wordt mijn eerste bezoek aan HET STEDELIJK er een om liever niet meer aan terug te denken. Een moeder met een hoogrood gezicht achter een buggy met een hysterisch brullend kind dat natuurlijk veel liever in de zandbak speelt of Teletubbies kijkt op de bank. Misschien moet ik toch nog even wachten, tot het goede moment er is. Een keer in het weekend. Of juist niet: dan zijn er ook meer toeristen. Dus ook niet tijdens vakanties. Zal ik anders een keer alleen gaan, om in stilte en met een nadenkend gezicht de kunst in mij op te nemen? Of juist met een vriendin, om lachend en kletsend door de zalen te flaneren en het er meteen over te hebben.

Zo gaat het dus, sinds de opening. HET STEDELIJK mag zich in een prominente rij van ‘bezienswaardigheden’ voegen die ‘zo dichtbij en zo makkelijk bereikbaar zijn dat ik er nooit aan toe kom om erheen te gaan’. Ik zal nog wel even verder dromen over hoe mijn eerste bezoek zou kunnen worden. Zodra het zover is, volgt hier natuurlijk alsnog een recensie, beloofd! Dat wordt wat, volgend jaar als het Rijksmuseum weer open gaat…

Wil jij HET STEDELIJK bezoeken? Meer informatie vind je op de website van het Stedelijk Museum Amsterdam.

 

Beeld: Flickr.com/digital cat.

Share

Annette

Annette (1980) studeerde onder meer cultureel erfgoed (voorheen museologie) aan de Reinwardt Academie in Amsterdam en kijkt als museoloog net even anders naar musea en tentoonstellingen dan bezoekers. Weten die bijvoorbeeld hoe die moeten lopen en lezen ze echt alle bordjes? Wat zien we eigenlijk in musea, en wat juist niet? Naast museoloog is Annette freelance vertaler. Op Nadelunch.com zal ze zowel haar (deskundige) blik op de museumwereld als belevenissen als eigenaar van een vertaalbureau delen.