• Home »
  • Beeld »
  • Drie tinten zwart: Deense dijenkletsers van Anders Thomas Jensen

Drie tinten zwart: Deense dijenkletsers van Anders Thomas Jensen

Dat Denemarken met Forbrydelsen en (het ook deels Zweedse) Borgen een behoorlijk aandeel levert aan de immens populaire scandithrillers, wisten we al. En dat het land hedendaags meest omstreden regisseur Lars Von Trier (Idioterne, Melancholia) voortbracht, ook wel. Maar wie kent de verfrissend grappige comedy’s?

Dat Anders Thomas Jensen een talent heeft is zacht uitgedrukt: hij is nog maar 40, maar heeft als scenarioschrijver al 44 titels en een Oscar op zijn naam staan (die hij nota bene won op zijn 26e). Ook ontving zijn Hævnen (Bier, 2010) de Oscar voor beste buitenlandse film en heeft Brødre (Bier, 2004) als eerste van een rij verkochte titels een Amerikaanse remake gekregen. Dat hij ook met veel humor kan schrijven én regisseren bewijzen zijn drie comedy’s. Gangsters die eieren schilderen? Een man die zijn vrouw opeet na een vliegtuigongeluk? Bij Jensen kan het.

Weekhartige criminelen, worsten versus wickies en kraaien en kruizen
Wanneer vier ontspoorde vrienden (Søren Pilmark, Ulrich Thomsen, Mads Mikkelsen en Nikolaj Lie Kaas) in bromance Blinkende Lygter (Knipperende lichten, 2000) er met 4.000.000 gestolen kronen vandoor gaan die ze eigenlijk voor hun gangsterbaas moesten jatten, stranden ze met autopech bij een krot in het bos. Om geen argwaan te wekken in het dorp, doen ze alsof ze er een restaurant gaan openen. Maar eigenlijk zien ze dat wel zitten, zo samen.

De Grønne Slagtere

De Grønne Slagtere

In De Grønne Slagtere (De groene slagers, 2003) besluiten de aandoenlijke maar irritante ‘Zweet Svend’ (Mikkelsen) en bleue blower Bjarne (Kaas) hun schofterige baas ‘worst Holger’ te verlaten en een eigen slagerij te beginnen. Als de klanten wegblijven en er een ongeluk met de vriescel gebeurt, komt zwetende Svend met een wel heel onorthodoxe oplossing voor hun uitblijvende succes (nee, geen spoilers hier). Met de nieuwe kylle ryllers, of chickie wickies, wordt de slagerij een succes en het duo populair. Tot Bjarnes gestoorde, dierenliefhebbende tweelingbroer (ook Kaas) opduikt.

“Bedreig me niet met die giraf.” (Zweet Svend)

En hoewel het niet veel duisterder kan (de laatste hint die ik geef), weet Adams Æbler (Adamsappels, 2005) het gitzwart te maken. Jensen: “Het idee was om een man te nemen die in zijn eentje de ellende uit de laatste tien jaar Deense cinema moet dragen.” Dit resulteert in het bijzonder verrassende en heerlijk op de zenuwen werkende personage van een priester (Mikkelsen) die niet uit zijn goede humeur noch van zijn trouwe geloof te slaan is. Als neonazi Adam (Thomsen) zich voor zijn taakstraf bij de kleine, bonte gemeenschap van de priester voegt, krijgt hij als taak een taart te bakken van de appels uit de boom op het erf. Dit wordt nog niet zo makkelijk als het lijkt.

Ongezellige onderwerpen
De Deense cinema staat erom bekend dat het niet bang is lastige en controversiële onderwerpen aan het licht te brengen. Sterker nog, het weet deze kwesties vaak op onverwachte wijze te benaderen. Wat dacht je bijvoorbeeld van een familiediner waarop de zoon van de jarige gastheer in zijn speech verklaart dat hij als kind jarenlang misbruikt is door zijn vader (Festen, 1998)?

Adams Æbler

Adams Æbler

Ook in Jensens comedy’s zijn heftige zaken als kindermisbruik, huiselijk geweld, persoonlijkheidsstoornissen en ernstige handicappen nooit ver weg, en dat is wat het Deense comedygenre onderscheidt van dat van elk ander land: het is zwart en absurd, maar wel zonder plat of flauw te worden. Jensen zei: “Ik weet niet waar ik moet beginnen met opnoemen wat ik mijn personages allemaal heb laten doormaken.” Maar juist vooral door die achtergrond van traumatische kwesties en familieleed krijgen Jensens personages hun menselijkheid en de sympathie van de kijker. En die hebben ze nodig, want dat ze stuk voor stuk niet helemaal sporen is een feit.

Ondeense omstandigheden
Jensens comedy’s zijn ook een soort antithese op de stijl waar de Deense cinema beroemdheid mee verwierf. In 1995 sloten onder andere regisseurs Lars von Trier en Thomas Vinterberg (Festen) namelijk het Dogma-pact, dat een tiental stijlregels voor filmmaken stelde die voorschreven dat er zo weinig mogelijk ingegrepen mocht worden in de situatie. Zo moet de camera te allen tijde in de hand gehouden worden en zijn genrefilms en oppervlakkige actie (dat wil zeggen: moorden of wapens) verboden. Het gevolg bestond uit rauwe drama’s waarin de acteerprestaties centraal staan. Hier staan Jensens comedy’s met hun geweld, wapens en conventionele stijl lijnrecht tegenover.

Maar inderdaad, eigenlijk heb ik niets op deze films aan te merken. Je hoeft niet bang te zijn voor onoriginaliteit of oppervlakkigheid, dus bereid je voor op wat absurditeit en gewelddadigheid en probeer zo’n Deense dijenkletser.

De Grønne Slagtere en Adams Æbler haal je in mediawinkels voor € 14,99, of bestel gemakkelijk een box met de drie films voor € 9,99 hier.

Beeld: Youtube/Screenshots 1, 2.

Share

Anne

De 23-jarige Anne van der Klift verruilde na het vwo en een lange reis haar geboortestad Capelle aan den IJssel voor het bruisende Amsterdam. Daar ging ze zich met de studie 'Media en Cultuur' verder verdiepen in de wereld van de media en de maatschappij. Nu specialiseert ze zich met een beroepsgeoriënteerde master in documentaire. Naast het verslinden van films en het spelen op haar ukelele, houdt Anne van reizen maken, Penguin classics lezen, nieuwe recepten uitproberen, naar concerten gaan en zo nu en dan creatief bezig zijn met potlood, pen, verf, inkt of camera. In haar artikelen voor Nadelunch.com verwondert Anne zich voor de sectie ‘Beeld’ voornamelijk over films en doet ze bij tijd en wijle een gooi naar hun onderliggende betekenissen.