De ontdekking van de middeleeuwen

Tijdens het laatste augustusweekend van dit jaar was het centrum van Nijmegen bevolkt door ridders en knapen. Het Kronenburgerpark, ooit bezongen door Frank Boeijen, was gevuld met allerhande middeleeuwers. Eens per jaar vindt hier namelijk het Gebroeders van Limburgfestival plaats.

Gebroeders van Limburgfestival
Het Gebroeders van Limburgfestival wordt door heel Nijmegen groots aangekondigd. Het hele weekend lang wordt de rust in het centrum niet alleen verstoord door het luiden van de Stevenskerk, maar ook door kanonschoten. Dit jaar was zelfs bekende ADHD-kok Pierre Wind naar Nijmegen gehaald om middeleeuws te koken.

MiddeleeuwenVanuit mijn raam aanschouwde ik het spektakel en de volgende vraag kwam in mij op: waar denken mensen eigenlijk aan als ze het woord middeleeuwen horen? Waarschijnlijk luidt het antwoord als volgt: ridders, jonkvrouwen, kastelen, kloosters, Game of Thrones, De naam van de Roos, bier, Lord of the Rings, monniken, heksenjachten, nog meer bier, radbraken – om maar enkele termen te noemen.

Met vrijwel al het bovenstaande ben ik het roerend eens. De middeleeuwers dronken gigantisch veel bier omdat het water niet veilig was om te drinken. Zelfs de kinderen dronken het – gelukkig was het bier destijds stukken lichter dan moderne pils. En er waren inderdaad jonkvrouwen, ridders en monniken. Maar is dit niet een beetje weinig om te bedenken? De middeleeuwen hebben immers een goede duizend jaar geduurd. Heeft de gemiddelde Nederlander niet een nogal beperkt beeld voor ogen wanneer hij denkt aan het begrip ‘middeleeuwen’? Mijn antwoord op deze vraag is: ja, absoluut. Clichés zijn echter onvermijdelijk, zeker omdat er nog steeds zo veel vragen en onduidelijkheden zijn omtrent deze periode.

Het vergeten plebs
Hoe komt het eigenlijk dat zo veel mensen precies deze denkbeelden hebben? De middeleeuwen bestonden immers uit veel meer dan dat. Zo brouwden monniken niet slechts bier en losten ze ook geen moorden op, althans, niet voor zover we weten; monniken en nonnen waren bezig met het geloof, met bezinning. Ze schreven wereldliteratuur, gebedenboeken en meer, hielpen de armen en konden in naam van de adel bepaalde zonden ‘wegbidden’.

Daarnaast vormden de adel, ridders en jonkvrouwen slechts een klein gedeelte van de middeleeuwse bevolking. Verreweg het grootste gedeelte bestond uit arme, anonieme sloebers zonder geld of educatie die de hele dag hard moesten werken om aan eten te komen. Tussendoor waren ze vooral erg katholiek. Voor ons, de moderne mens, zijn de armoedzaaiers van toen nogal saai. Ze schreven niets op, lieten weinig aan ons na. Over het overgrote deel van de middeleeuwse bevolking weten we zodoende het allerminst.

Middeleeuwen herontdekt
Met name over degenen die wel konden lezen en schrijven, de geestelijkheid en de adel, weten we veel. Niet gek dus dat we hier aan denken bij het begrip ‘middeleeuwen’. Latere eeuwen, te beginnen bij de renaissance, hebben ons beeld van de middeleeuwen voorgoed beïnvloed.

Voltaire

Voltaire

Peter Raedts heeft in Ontdekking van de Middeleeuwen. Geschiedenis van een illusieuiteengezet hoe de middeleeuwen in Europa aan hun huidige imago zijn gekomen. Raedts beschrijft dat het beeld dat we hebben van de middeleeuwen veel simpeler is dan de waarheid. Tot aan de negentiende eeuw zijn de middeleeuwen volgens hem verguisd door veel bekende wetenschappers en filosofen. Zo heeft Voltaire gesteld dat de kerk destijds het dagelijks leven vergiftigde. Geen malse uitspraken. Door dit soort uitspraken en geschiedschrijving is er van de middeleeuwen een beeld gevormd dat nog steeds een hardnekkige rol speelt in de collectieve denkwijze.

De middeleeuwen worden dikwijls gezien als een donker dal dat was ontstaan tussen de fantastische Oudheid en de fantastische renaissance. In deze tijd konden de bierdrinkende barbaren gewoon niet beter weten. De kerk zorgde er immers voor dat er geen plaats was voor de hogere kennis die de oudheid had opgeleverd. Dit is heel summier hoe er tot de negentiende eeuw over de middeleeuwen werd gedacht.

Het leuke is dat dit beeld vanaf ongeveer 1800 radicaal omsloeg. De negentiende eeuw staat bekend als de eeuw van de industriële revolutie, een tijd waarin de technische en maatschappelijke ontwikkelingen sneller gingen dan het menselijk brein aankon. Mensen trokken uit hun dorp weg, weg van hun familie, om naar de steden te gaan voor werk. De fabrieksarbeiders leefden in steeds groter wordende steden, met stinkende riolen en krappe huisjes waarin diverse gezinnen bijna letterlijk op elkaars lip zaten. Arbeiders, zelfs hun kinderen, werden uitgebuit voor een hongerloontje terwijl de eigenaars van de fabrieken lachend rijker werden.

Behoefte aan andere tijden
Raedts stelt dat er destijds een nostalgische behoefte aan saamhorigheid, gemeenschap en vertrouwen ontstond doordat de sociale structuren zo totaal op de kop waren gegooid. Men kende zichzelf en zijn omgeving niet meer en zag slechts de ijskoude, stinkende fabrieken vol verdriet en pijn, de macht van het geld en de inktzwarte armoede. We moeten terug naar een andere tijd, dacht men, een tijd waarin men elkaar liefhad, trouw was aan elkaar en aan het land, voor elkaar opkwam en vredig samenleefde.

Dit gedachtegoed vonden de negentiende-eeuwse denkers terug in de middeleeuwen. Het resultaat was een opleving van alle middeleeuwse clichés die we tot dusver kennen, maar dan een positieve variant. De romantische verhalen over ridders die jonkvrouwen uit kastelen bevrijdden, het koddige groepsgevoel van de gilden en de bezinning binnen de kloosters. Dit is wat we nodig hebben, dacht men.

Middeleeuwen als muze
Het leuke en wellicht ook het frustrerende van dit alles is dat we nog steeds te weinig weten. Te weinig om een gedegen, objectief beeld te vormen van de middeleeuwen. Maar moet dat eigenlijk wel? Is het leuke van de middeleeuwen nu niet dat men er zo veel bij kan fantaseren? Het heeft Hollywood in ieder geval geen windeieren gelegd. De middeleeuwen zijn nog steeds hot. Dat bewijzen series als Game of Thrones en een evenement als het Gebroeders van Limburgfestival. De clichés én onduidelijkheden omtrent deze tijd lijken een voedingsbodem te zijn voor talrijke films, series, boeken en computerspellen. Vaagheid geeft vrijheid, lijkt het wel. Raedts heeft laten zien hoe onze moderne beeldvorming door de eeuwen heen is ontstaan; ík ben razend benieuwd hoe we over vijfhonderd jaar tegen de middeleeuwen aankijken.

Beeld: Wikimedia Commons 1, 2 en Wikimedia Commons/Moreau le Jeune.

Share

Sophie

Sophie is geboren aan het eind van het mooie jaar 1987. Nu, bijna 25 jaar later, is ze een van de nieuwsjagers en wetenschappers bij Nadelunch. Daarvoor heeft ze Nederlandse taal & cultuur gestudeerd en is ze gespecialiseerd in heel erg oude boeken. Hoe meer ze stinken, hoe beter. Ze heeft tevens een eigen blog, desopheelste.blogspot.com, en schrijft over alles. Daarnaast leest ze graag, gaat ze hardlopen, koken en schilderen en heeft ze momenteel honderd verschillende baantjes: van huiswerkbegeleiding geven tot schoonmaken bij ouderen. Ze zal voor Nadelunch schrijven over actualiteiten rondom onderwijs en literatuur en over literatuur in wetenschappelijke zin.