Bij ons in de PRC – I’m a celebrity… Get me out of here!

Als ik een flesje water koop. Als ik op de steiger aan het meer wat zonnestralen lig te vangen. Als ik naar de wc ga. Als ik een dumpling in mijn mond stop. Overal, ze zijn overal: verbaasde blikken en wijzende vingers.

Het was me van tevoren al zo’n 95 keer gezegd: blanke huid, blonde haren; dat wordt wat, in China! De Chinezen zouden me niet alleen gaan aanstaren, maar ook naar me wijzen, hun gesprekspartner of hond aanstoten of een fototoestel tevoorschijn halen. Ik had het afgedaan door mijn schouders op te halen, maar direct na aankomst bleek al: niemand had te veel gezegd.

Maar meisje, wat heb je grote ogen!
Niet alleen als je blond bent vang je veel blikken in Azië. Iedere westerling is eigenlijk een ware attractie. How can dit, zie je ze denken, die ronde ogen, die grote neus… dus dít is een reus! Soms lopen ze daarna door, af en toe nog verdwaasd achterom kijkend. Soms blijven ze staan en stoten ze elkaar aan om zich samen over die westerling te verbazen. De meeste keren glimlach je, haal je je schouders op, vervolg je je weg en denk je: waar zat nou die ene dumplingzaak? Een enkele keer doe je dit niet. Niet omdat je het niet wilt, maar omdat het niet kan.

Toeristen
Na bijna twee maanden China denk ik dat ik het wel gewend ben, die verbazing over westerlingen. Mensen die staren, mensen die hun vrienden erbij halen met de woorden “kijk, een buitenlander”, een enkeling die een foto maakt: ik heb het niet meer zo door. Ik ben het als normaal gaan beschouwen. Denk ik. Het is eind maart en we besluiten met de groep op een weekendtrip te gaan. We zullen meer het binnenland intrekken om daar twee dagen lang heel veel te eten, een sportevenement te bezoeken en gewoon, van de omgeving te genieten. Het schijnt er daar wat traditioneler aan toe te gaan. Denk oude dorpjes, boeren en bergen. Natuur!

Dus we eten heel veel, zien boeren en bergen en bezoeken op de laatste dag een sportevenement en een dorp. Een traditioneel, oud dorp. Waar toeristen zijn. Waar Chinese toeristen zijn. Véél meer dan internationale studenten. En die Chinese toeristen, die hebben allemaal een fototoestel. En heel veel rolletjes.

Foto maken
Klik, klik, klik

We hebben alle tijd om het dorpje te bekijken en ploffen vanwege de warmte even neer op een bankje in de schaduw. Een Chinese middelbare scholier passeert ons. Je ziet ‘m kijken: brekend! Wáár zijn mijn klasgenoten? Binnen vijf minuten heeft ‘ie ze gevonden. Ze dringen zich om ons heen, inclusief de meester. “Ni hao”, zeg ik, niet wetend wat ik anders moet, en ze glimlachen, alsof ze denken: yes, ze is beleefd. Dan vindt ze het vast niet erg als we haar en haar vrienden 171 keer op de foto zetten. Klik. Eén fototoestel. Klik. Klik. Klik klik klik klik klik. Na vijf minuten houden ze op. Ze moeten vast de bus terug halen, denken we nog. Maar nee. Ze maken ruimte voor de volgende klas. Die weer opzij stapt voor de klas erna. Die weer wijkt voor een groepje toeristen dáárna.

Na een tijdje zijn we er toch wel een beetje klaar mee en vertellen we vriendelijk doch duidelijk dat het genoeg is geweest. We staan op om het dorpje verder in te gaan. Als we gewoon rondlopen, zal het wel meevallen met het geklik.

Drie uur later kunnen we ons ervan verzekeren dat we samen in totaal zo’n honderdvijftig keer op de foto zijn geweest en minstens een even aantal keer aan anderen gezien zullen laten worden – “kijk opa, westerlingen!” Verbrand en versleten stappen we de bus weer in, klaar om naar Nanjing te rijden en weer meer student dan toerist te zijn. Ik glimlach. Moe, verhit en gefotografeerd voor in het familie-album: ook dit hoort er soms bij. Net zoals China langzamerhand bij mij begint te horen.

 

Beeld: Fleur.

Share

Fleur

Fleur (1986) volgde de opleiding Nederlandse taal en cultuur en studeerde af als taalkundige. Ze doet nu eigenlijk alles wat met taal te maken heeft: schrijven, redigeren, corrigeren en onderzoeken hoe mensen taal (willen) gebruiken. Tevens is ze hoofdredacteur van Nadelunch.com, waar ze wanneer dat kan voor 'Ook dat nog' schrijft, haar reislust loslaat op de rubriek 'Buiten' en columns verzorgt over taal.