Carrie on – Kerkhof

Niet lachen of slechte grappen maken, dat lijkt me logisch. Maar verder weet ik het niet. Wat zijn de omgangsvormen op een kerkhof? Groet je de ander? Of laat je elkaar juist met rust? 

Verderop staat nog een vrouw. Ook bij een graf. Ze heeft grijze krullen. Er steken bloemen uit haar verweerde fietstassen. Ze doet tuinhandschoenen aan, stroopt haar mouwen op.

Het is een mooie begraafplaats, met mooie oude bomen. De rododendron doet het goed. De zon schijnt warm in mijn nek. Ik sta bij een mooi graf, donkerpaars, het graf van mijn moeder. Ik heb eigenlijk niets met graven. En ik geloof ook al niet echt dat ze hier is. Maar het is toch de meest concrete plek, hier lijkt ze het dichtstbij. Dus ga ik, van tijd tot tijd. De vrouw verderop woelt voortvarend de aarde om.

Kerkhof

Plaats en tijd
Stil ben ik, maar niet per se extra verdrietig. Verdriet houdt zich niet aan plaats en tijd. Het gemis komt niet nu, maar juist als ik op een gewone dinsdag naar het station fiets, of in de kroeg een biertje bestel. Zomaar, even, op onbewaakte momenten, in alle vezels van mijn huid. Verdriet zit in een treinpassagier die geïrriteerd met zijn moeder zit te bellen (“Jaaaahaa, mam”). En dan beseffen dat jij dat niet meer kunt doen. Of beseffen dat zij geen grappen kan maken over Samsom, terwijl je zeker weet dat ze dat gedaan zou hebben.

Omgangsvormen op een kerkhof
Wat zijn eigenlijk de omgangsvormen op een kerkhof?, vraag ik me af. Je mag waarschijnlijk niet lachen, hoewel een goede grap mij soms erg kan opluchten. Mijn vrienden weten dat gelukkig. Maar verder weet ik het niet. Groet je de ander? Of laat je elkaar juist met rust? Omgaan met verdrietige of rouwende mensen, we vinden het nog steeds moeilijk. En dat terwijl iedereen doodgaat en het dus de gewoonste zaak van de wereld is. Zelfs ik weet het niet goed, ondanks alles.

Als ik terugga, loop ik voorbij de vrouw. Ze knikt naar me, kijkt me even aan. Ze mompelt iets wat op ‘goedemiddag’ lijkt. Dan doe ik maar hetzelfde. “Mooi weer, hè”, zegt ze. We praten over de zon, alsof we bij de bushalte staan. Maar haar ogen zeggen iets als “tja, wijffie, hier staan we dan. We moeten het ermee doen.” En zo is het. We moeten het ermee doen.

Deze column is opgedragen aan mijn moeder, die 14 oktober jarig zou zijn.

Beeld: Flickr.com/David Masters.

Share

Carrie

Carrie (33) is docent op een universiteit en is getrouwd met F. Ze houdt van een goed verhaal, festivals, roadtrips, het opvangen van een zin van een voorbijganger, kroegen en solo koffiedrinken. Als NDL-columniste neemt ze zich voor over een breed scala van thema's – ‘communicatie, leven en omgang’ – te schrijven.