Taal in het wild – “You will be fined!”

Miscommunicatie. Da hedde wel es. Communicatie is altijd en overal – en miscommunicatie ligt dan ook 24/7 op de loer. Op vakantie in een land waar je de taal niet spreekt, bijvoorbeeld.

Op vakantie in een niet-Engelstalig land is het altijd leuk om het Engels te observeren. In je glossy reisboek lees je: “De lokale bevolking spreekt amper Engels, maar mensen in de toeristensector spreken het wel een aardig woordje.” Eén aardig woordje, ja – merk je als je op je vakantiebestemming bent.

Vakantie betekent altijd ook een beetje met handen en voeten communiceren. Ik doe daar gezellig aan mee. Moet je voor de grap eens met een Duitse luchtvaartmaatschappij naar een Canarisch eiland gaan, waar je afwisselend in het Nederlands, Duits of Engels aan wordt gesproken. Taalverwarring alom.

Fine
Toen ik laatst dus op zo’n niet-Engelstalig – maar Spaanstalig – eiland was, was ik getuige van een gesprek tussen een toerist (Frans) en een native. Een knap staaltje miscommunicatie, smullen!

De toerist parkeerde zijn huur-Seat netjes dicht tegen de stoeprand, recht voor de ingang van zijn hotel. Handig! Hij wreef in zijn handen. Tevreden stapte hij over de gele lijn op de stoeprand en pakte zijn strandtas uit de kofferbak.


Ola!”, riep de native vanaf de andere kant van de straat.

Ola!”, riep de toerist terug. Gezellig, die Spanjaarden, zag je hem denken.

Ola! You will get a fine!”, zei de native met opgeheven arm.

It’s fine?”, vroeg de Fransoos. Fijn dat die Spanjaard dat even tegen hem zei. Bedankt voor de bevestiging! Hij had ook echt mooi ingeparkeerd, al zei hij het zelf.

No! You will be fined!” De native kreeg een rood hoofd.

Great!” De Fransoos stak bij wijze van groet zijn hand op, pakte zijn strandtas in de ene, zijn snorkelset in de andere hand en liep richting hotel.

Terwijl de native naar hem toe rende om met handen en voeten duidelijk te maken dat het niet fine was die huur-Seat daar te parkeren, grinnikte ik. Mooi toch, taal. Dat één woord twee tegengestelde betekenissen kan hebben, dat is toch grappig. Niet onbegrijpelijk dat daar misverstanden over ontstaan.

Vroeger
Toen ik later met een cava in de hand over de Atlantische Oceaan tuurde (om het plaatje compleet te maken voer er ook nog een tweemaster voorbij), vroeg ik me af hoe dat vroeger gegaan moest zijn. Dat zo’n ontdekkingsreiziger maanden scheurbuik had vermeden om dan eindelijk voet aan land te zetten en dat de natives dan één of andere onbegrijpelijke taal uitslaakten. “Hè!”

The prequel
Komt een Hollander bij de Indianen in Manhattan. Zegt hij: “Hoiii, ik kom jullie land innemen!” Zegt de Indiaan: “You will get a fine!” Zegt de Hollander: “Mooi! Kom Henk, it’s fine!”

 Beeld: Photl.com/Studio Cl Art.

Share

Merel

Merel (1986) is psycholinguïste. Als promovenda onderzoekt ze de beginnende geletterdheid van kleuters en doceert ze academische vaardigheden aan eerste- en tweedejaarsstudenten. Hiervoor studeerde ze Nederlandse Taal en Cultuur en Theater-, Film- en Literatuurwetenschappen in Antwerpen en Cognitieve Neurowetenschappen in Nijmegen. Ze bedrijft wetenschap op pumps, schrijft over taalpathologie en kindertaal, loopt ‘hard’, naait rokken en reist regelmatig met de trein. Hierdoor komt ze vaak taal in het wild tegen, waar ze vervolgens uitgebreid over mijmert: voer voor haar wekelijkse Nadelunch-column. Ook schrijft ze voor Nadelunch over wetenschap en promoveren. Najaar 2013 is Merel visiting scholar aan Yale University.